PDL-METHODE
Persoonsgerichte zorg voor mensen die moeite en pijn ervaren bij eenvoudige handelingen
Wat is PDL
PDL is de afkorting van Passiviteit van het Dagelijks Leven. De PDLmethode is ontwikkeld voor mensen die blijvend niet meer voor zichzelf kunnen zorgen. De PDL-methode omvat een verzameling van handelingen, maatregelen en voorzieningen die bijdragen aan optimale verzorging en verpleging, begeleiding en aandacht (belevingsgericht). We gaan uit van mogelijkheden, in plaats van de beperkingen.
Voor veel problemen en beperkingen die cliënten, mantelzorgers, zorgverleners en behandelaars ervaren zijn allerlei handige oplossingen. Denk bijvoorbeeld aan gemakkelijk zittende kleding van speciale materialen. Als iemand moeite heeft met aankleden kun je bijvoorbeeld kleding laten vermaken, zodat een blouse ook op de rug dicht geknoopt kan worden. Simpele aanpassingen die voorkomen dat het aankleden moeizaam gaat en pijnlijk is, wat niet fijn is voor de cliënt en niet voor de verzorgende. Afspraken die gemaakt worden over de PDL-methode worden vastgelegd in het zorgleefplan.
Benadering of contact maken
Benadering is hoe je iemand tegemoet loopt, aankijkt en aanspreekt; hoe je contact maakt. De manier waarop je iemand benadert roept altijd een reactie op. Als iemand in een rolstoel zit of als er sprake is van een hersenbeschadiging kan die reactie afwijkend zijn. Iemand kan schrikken en daardoor boos worden, of zich bedreigd voelen en agressief reageren. De volgende punten helpen om dit te voorkomen:

Belevingsgericht zorgen
Mensen met lichamelijke beperkingen kunnen meestal wel aangeven wat zij wel of niet prettig vinden, of wat moeilijk gaat. Dit wordt minder gemakkelijk als de gevolgen van een hersenaandoening, bijvoorbeeld een hersenbloeding of dementie, een rol gaat spelen.
Om toch zo goed mogelijk zorg en begeleiding te geven, is het belangrijk voor zorgverleners en mantelzorgers om de mens achter zijn/haar ziektebeeld te kennen. Wat waren iemands gewoontes, dagelijkse ritmes, welke voorkeuren heeft iemand? Als je dit weet, dan weet je hoe je hem of haar het beste kunt helpen of waarom iemand op een bepaalde manier reageert. Wij vinden het belangrijk om dit levensverhaal op te halen bij cliënten zelf indien mogelijk en anders de mantelzorgers, zodat we snel leren wat iemand wel of niet prettig vindt. Zo kunnen we de zorgvrager als mens met een eigen identiteit en mogelijkheden benaderen wat kwaliteit aan het leven toevoegt.
Dag en nachtritme Iedereen heeft een eigen dag en nacht ritme. Bijvoorbeeld ’s morgens niet voor 8.00 uur uit bed en langzaam wakker worden door de gordijnen alvast open te doen en ’s avonds niet voor 23.00 uur naar bed. Door na te gaan wat de zorgvrager thuis gewend was of nu prettig vindt, proberen we vervelende situaties te voorkomen.
Eetgewoontes Als je geen rekening houdt met de eetgewoontes van de zorgvrager en niet nagaat wat iemand lekker vindt kan dit leiden tot onrust, teleurstelling en gewichtsafname.
Verzorgend wassen Binnen CuraMare kiezen we samen met de bewoner voor de manier van wassen die het beste past. Dat kan met verzorgend wassen, onder de douche, in bad of met stromend water aan de wastafel.
Bij verzorgend wassen gebruiken we voorverwarmde washandjes met een verzorgende lotion. Afdrogen of bodylotion aanbrengen is meestal niet nodig. Deze manier van wassen is prettig, comfortabel en vraagt minder handelingen. Zo kiezen we steeds voor de manier van wassen die het beste aansluit bij de wensen, mogelijkheden en het welzijn van de bewoner.
De PDL-methode kent zeven aandachtsgebieden
- Liggen
- Zitten
- Gewassen worden
- Verschoond worden
- Gekleed worden
- Eten en drinken
- Verplaatst worden
1. Liggen
Iedereen ligt gemiddeld 8 uur per etmaal in bed en draait tijdens het slapen regelmatig om. Zorgvragers, afhankelijk van hun ziektebeeld of toestand liggen langer op bed en kunnen soms vanwege lichamelijke beperkingen niet zelfstandig draaien of van houding veranderen. Dit kan vervelende gevolgen hebben, zoals drukplekken (decubitus) op de stuit en de hielen. Naast dat zorgverleners de zorgvrager kunnen helpen bij het draaien en van houding wisselen, zijn er ook hulpmiddelen die comfort bieden of zorgen voor een goede drukverdeling. Bijvoorbeeld een ADmatras (anti-decubitus), aangepaste kussen(vulling) voor een betere drukverdeling of een beenlade.
2. Zitten
Zitten is een actief proces en is geen probleem zolang je eventuele ongemakken kan verhelpen door van houding te veranderen. Als actief zitten niet meer goed lukt, zakken we scheef, onderuit of voorover. Dit kan bijvoorbeeld vermoeidheid en onrust veroorzaken maar ook drukplekken (decubitus), dwangstand van gewrichten (contracturen), belemmerd worden in de ademhaling en kans op vallen. Voor zorgvragers is het belangrijk dat zitten geen energie kost maar juist oplevert. Een aangepaste (rol) stoel die gekanteld kan worden en ondersteuning aan hoofd, romp, armen en benen biedt kan hierbij helpen. De ergotherapie van CuraMare Behandeling helpt en adviseert hierbij.
3. Gewassen worden
Verzorging en reinigen van de huid, is een dagelijkse bezigheid. Door lichamelijke en geestelijke beperkingen kan dit bemoeilijkt worden en als pijnlijk of frustrerend ervaren worden. De PDL-methode biedt hiervoor verschillende technieken waardoor de zorgvrager zo comfortabel mogelijk verzorgd wordt en ontspant. Ook kan de zorg door één zorgverlener gegeven worden, wat meer rust en persoonlijk contact geeft. Door goed te observeren en bekijken wat de zorgvrager nodig heeft, kan het bijvoorbeeld ook zo zijn dat iemand in bad gaat in plaats van onder de douche, of juist onder de douche in plaats van op bed of aan de wastafel wassen. Haren kunnen op bed gewassen worden met behulp van een opblaasbare haarwasbak. Of door een shampoo cap of shampoolotion.
4. Verschoond worden
Verschonen betekent ondersteuning bieden aan een zorgvrager in verband met uitscheidingsactiviteiten, persoonlijke hygiëne na het toiletbezoek of bij incontinentie het vervangen van incontinentiemateriaal. Incontinent zijn is een vervelende ervaring, soms heeft incontinentie een medische oorzaak maar in veel gevallen is het beschadigde brein (dementie) de oorzaak. Wanneer iemand zelf nog aan kan geven wanneer hij/zij naar het toilet moet, zullen we deze functie zolang mogelijk in stand houden. Wanneer dit niet meer kan, zullen we dit moeten accepteren als passiviteit. Wanneer toiletbezoek niet meer mogelijk of te belastend is, biedt incontinentiemateriaal een passend en huidvriendelijk alternatief.
5. Gekleed worden
Aan- en uitkleden kan voor sommige bewoners pijnlijk, vermoeiend of spannend zijn. Daarom kijken we welke kleding het aan- en uitkleden makkelijker en comfortabeler maakt.
Vaak helpen kleine aanpassingen al, zoals kleding en ondergoed een maat groter kiezen, soepele en rekbare stoffen dragen of een vest in plaats van een trui.
Soms is aangepaste kleding een goede oplossing. Denk bijvoorbeeld aan een overhemd of nachthemd met een rugsluiting of een broek of rok die aan de zijkant of achterkant extra ruimte heeft. Daardoor kan de kleding gemakkelijker aan- en uitgetrokken worden. Zo voorkomen we onnodige pijn, spanning en belasting.
Kleding aanpassen of aanschaffenU kunt kleding zelf (laten) aanpassen. Ook CuraMare kan hierbij helpen. Onze zorgmedewerkers informeren u graag over de mogelijkheden. Valt de zorgvrager onder de SOH? Dan vergoedt CuraMare de kosten voor het vermaken van kleding.
Voor de aanschaf van aangepaste of functionele kleding kunt u mogelijk een vergoeding aanvragen bij uw zorgverzekeraar. In sommige gevallen kunt u de kosten ook opvoeren bij uw belastingaangifte.
Liever aangepaste kleding kopen? Kijk dan bijvoorbeeld op
4care.eu/nl/ 6. Eten en drinken
Aanbieden van voeding is voor zorgvragers een terugkerende ervaring. Vaak komen er problemen voor zoals het weigeren, niet doorslikken of uitspugen van voedsel. Als er moeilijkheden zijn met het eten en drinken kan dit direct gevolgen hebben voor de voedingstoestand. De logopedisten van CuraMare Behandeling denken graag mee voor passende hulpmiddelen of oplossingen. Factoren die de eetlust negatief beïnvloeden zijn bijvoorbeeld verslikken, niet meer weten hoe te moeten eten, pijn, angst, vermoeidheid en prikkels van buitenaf. Maar ook kan algehele achteruitgang – het naderen van het levenseinde een reden zijn van verminderd eten en drinken. Het is dan goed om te weten dat iemand niet overlijdt omdat hij/zij niet meer eet en drinkt maar hij/zij eet en drinkt niet meer omdat het einde nadert.
Tips om de eetlust positief te beïnvloeden- Een goede zithouding
- De tijd nemen voor de maaltijd
- Niet te veel praten tussentijds
- Klein bestek gebruiken
- Oogcontact houden
- Het eetmoment verschuiven naar een later tijdstip
Hulpmiddelen die ingezet kunnen worden zijn bijvoorbeeld een Handy cup beker, warmhoud bord, kleine plastic lepels, plastic en gekleurd servies, neusbeker en fingerfood: het eten met de vingers in plaats van bestek.
7. Verplaatst worden
Binnen de PDL spreken we niet over tillen maar over verplaatst worden oftewel ‘transfers’.
Contracturen, afweerspanning, verlamming en het niet actief kunnen meewerken door de zorgvragers bemoeilijken het verplaatsen. Transfer willen we zo veilig en comfortabel mogelijk maken voor zowel zorgvragers als zorgverleners. We doen dit zonder te tillen, maar draaien indien nodig met een glijzeil; zetten in overleg met de fysiotherapie van CuraMare Behandeling een actieve- of passieve tillift in. De zorgverleners houden zich hierbij aan het transferprotocol.
Meer weten?
Neem contact op met de PDL-coördinatoren van CuraMare via 01587 48 83 00 of mail naar
pdlalgemeen@curamare.nl